Een set van twee panelen aan je balkonhek kost tegenwoordig vanaf zo’n €399 en je klikt hem in het stopcontact. Verkopers rekenen je een terugverdientijd van twee tot drie jaar voor. Die som klopt, tot 1 januari 2027. Daarna hangt alles af van één getal dat in bijna geen enkele advertentie staat: hoeveel van die stroom je zélf gebruikt.
In het kort
- Balkonzonnepanelen zijn in Nederland niet verboden, maar het kabinet weigert ze actief te bevorderen, mede vanwege vraagtekens bij de veiligheid.
- Je moet ze aanmelden bij je netbeheerder, net als gewone zonnepanelen.
- Het stopcontact moet op een eigen eindgroep zitten, zonder andere apparaten en zonder verlengsnoer.
- Tot en met 2026 salderen ze gewoon mee. Vanaf 2027 verdubbelt de terugverdientijd als je de stroom niet zelf gebruikt.
Mag het in Nederland?
Ja, maar met minder enthousiasme van de overheid dan in Duitsland. Op 9 juli 2026 liet minister Van Veldhoven (Klimaat en Groene Groei) weten dat het kabinet geen gebruik maakt van de Europese mogelijkheid om zonnesets tot 800 watt actief te bevorderen. Twee redenen: Nederland maakt geen onderscheid tussen kleine en grote installaties (alles valt onder dezelfde salderingsregeling) en er zijn volgens het kabinet vraagtekens bij de veiligheid van dit soort mini-systemen.
Praktisch betekent dat: verkopen mag, kopen mag, gebruiken mag. Maar je krijgt geen uitzonderingspositie, geen versoepelde regels en geen subsidie.
Drie dingen zijn wél verplicht of noodzakelijk:
- Aanmelden bij de netbeheerder. Ook een stekkerset moet je registreren. Je hebt het vermogen van de panelen, het merk en type omvormer en je metergegevens nodig.
- Een eigen eindgroep. Volgens NEN 1010 moet het stopcontact waarop je de set aansluit een aparte groep zijn, waarop verder niets anders is aangesloten. Een verlengsnoer of stekkerdoos is niet toegestaan.
- Toestemming. Huur je, of woon je in een appartement met een VvE, dan heb je vrijwel altijd toestemming nodig voordat je iets aan de gevel of het balkonhek bevestigt.
Wat levert het op?
De opbrengst hangt sterk af van hoe je de panelen zet. Verticaal aan een balkonhek vangen ze minder zon dan schuin op een dak, dat scheelt al snel een kwart.
| Opstelling | Vermogen | Opbrengst per jaar |
|---|---|---|
| 1 paneel, zuid, 35° schuin | 430–450 Wp | 380–420 kWh |
| 2 panelen, zuid, 30° schuin | 860–900 Wp | 760–840 kWh |
| 2 panelen, oost-west op plat dak | 860–900 Wp | 700–780 kWh |
| 2 panelen, balkon, verticaal | 860–900 Wp | 520–620 kWh |
Indicatief, bij een onbeschaduwde opstelling. In de winter haal je 15 tot 25 procent van de zomerpiek; bij bewolking 10 tot 30 procent van het opgegeven vermogen.
Wat kost zo’n set? Eén paneel begint rond de €309, twee panelen rond de €399. Wil je er meteen opslag bij, dan zit je op ongeveer €1.349 voor twee panelen met accu en €1.749 voor vier panelen met accu.
De rekensom die verkopers je niet laten zien
Vrijwel elke aanbieder rekent voor met een stroomprijs van rond de €0,31 per kWh. Bij 570 kWh opbrengst kom je dan uit op zo’n €177 per jaar, en met een set van €399 heb je hem in ruim twee jaar terugverdiend.
Die som gaat uit van één stilzwijgende aanname: dat elke opgewekte kWh €0,31 waard is. Tot en met 31 december 2026 klopt dat, want dan saldeer je nog, stroom die je terugstuurt wordt één op één van je verbruik afgetrokken.
Vanaf 1 januari 2027 is dat voorbij. Stroom die je zelf gebruikt blijft €0,31 waard. Stroom die je terugstuurt levert alleen nog een terugleververgoeding op: wettelijk minimaal de helft van het kale leveringstarief, wat in de praktijk neerkomt op ergens rond de €0,06 per kWh.
En daar wringt het bij een balkonset, want die produceert het meest rond het midden van de dag, precies wanneer veel huishoudens niet thuis zijn.
| Situatie | Opbrengst in euro’s | Terugverdientijd |
|---|---|---|
| 2026, met saldering | ±€177 per jaar | ±2,3 jaar |
| 2027, 30% zelf verbruikt | ±€77 per jaar | ±5,2 jaar |
| 2027, 50% zelf verbruikt | ±€105 per jaar | ±3,8 jaar |
| 2027, 70% zelf verbruikt | ±€134 per jaar | ±3,0 jaar |
Uitgangspunten: 2 panelen verticaal aan een balkon, 570 kWh per jaar, aanschaf €399, stroomprijs €0,31 per kWh, terugleververgoeding 2027 aangenomen op €0,06 per kWh. Dat laatste is een aanname: het wettelijk minimum is 50% van het leveringstarief, maar leveranciers mogen meer bieden. Kijk in onze terugleverkosten-monitor wat jouw leverancier doet.
Zelfs in het slechtste scenario blijft het een positieve investering, vijf jaar terugverdientijd op een product dat vijfentwintig jaar meegaat is niet slecht. Maar het is wel meer dan twee keer zo lang als wat er in de advertentie staat.
Let op de terugleverkosten. Steeds meer leveranciers rekenen een vast bedrag per maand zodra je stroom terugstuurt, meestal in staffels op basis van je jaartotaal. Heb je al panelen op het dak, dan kan een balkonset je net over een staffelgrens duwen, en dan kost die extra opbrengst je geld in plaats van dat hij iets oplevert.
Wanneer loont het wél?
Een balkonset wordt beter naarmate je meer stroom overdag zelf gebruikt. Concreet betekent dat:
- Je bent overdag thuis. Thuiswerkers, gepensioneerden en gezinnen met jonge kinderen halen makkelijk 50 tot 70 procent eigen verbruik.
- Je verschuift je verbruik. Wasmachine, vaatwasser en boiler overdag laten draaien scheelt direct in de som. Zie ook eigen verbruik verhogen.
- Je hebt geen dak. Voor huurders en appartementbewoners is een balkonset vaak het enige alternatief. Dan is de vergelijking niet “balkon versus dak” maar “balkon versus niets”, en dat maakt de afweging een stuk simpeler.
- Je zet er een kleine accu bij. Die verschuift de middagpiek naar de avond, waardoor je eigen verbruik omhoogschiet. Het maakt de set wel drie tot vier keer zo duur, dus reken die combinatie apart door, we leggen uit hoe in plug-and-play thuisbatterij.
Zelf kijken wat zo’n set kost? Zendure is een van de partijen die kant-en-klare balkonsets met stekker levert, inclusief de varianten met accu die hierboven staan.
Bekijk de balkonsets van Zendure
Dit is een advertentielink. Koop je via deze link, dan ontvangen wij een commissie van Zendure. Dat kost jou niets extra en verandert niets aan de cijfers op deze pagina: de rekensom hierboven geldt voor elke balkonset, ongeacht het merk.
Waar je op moet letten voor je koopt
- Eigen groep. Weet je niet of je stopcontact op een aparte eindgroep zit? Laat het controleren voordat je bestelt.
- Geen verlengsnoer. Ook niet tijdelijk, ook niet “even”, de set moet rechtstreeks in het stopcontact.
- Anti-eilandbeveiliging. Bij stroomuitval schakelt de omvormer direct uit. Een balkonset is dus geen noodstroomvoorziening.
- Bevestiging. Een paneel van 20 kilo aan een balkonhek op tien hoog moet storm kunnen doorstaan. Kijk naar de windbelasting die de fabrikant opgeeft.
- Schaduw. Eén balkonrand of dakoverstek die ’s middags schaduw geeft, kost onevenredig veel opbrengst.
Wil je weten wat het einde van de saldering in jouw situatie kost?
Veelgestelde vragen
Zijn balkonzonnepanelen in Nederland verboden?
Nee. Ze mogen verkocht en gebruikt worden. Wel gelden dezelfde regels als voor gewone zonnepanelen: aanmelden bij de netbeheerder, en aansluiten op een eigen eindgroep volgens NEN 1010. Het kabinet heeft in juli 2026 wel besloten de uitrol niet actief te bevorderen.
Moet ik een stekkerset aanmelden bij de netbeheerder?
Ja. Ook een set van één of twee panelen moet je registreren. Je hebt het vermogen, het merk en type omvormer en je metergegevens nodig.
Hoeveel leveren balkonzonnepanelen per jaar op?
Twee panelen verticaal aan een balkon leveren ongeveer 520 tot 620 kWh per jaar. Schuin op een plat dak of aan een zuidgevel loopt dat op tot 760 tot 840 kWh.
Blijft een balkonset rendabel na 1 januari 2027?
Ja, maar minder snel. Zonder saldering hangt de opbrengst af van hoeveel stroom je zelf gebruikt. Bij 30 procent eigen verbruik loopt de terugverdientijd op van ruim twee naar ongeveer vijf jaar; bij 70 procent blijft hij rond de drie jaar.
Kan ik een balkonset combineren met een thuisbatterij?
Dat kan, en het verhoogt je eigen verbruik flink. Sets met accu beginnen rond €1.349. Reken wel door of die extra investering zich terugverdient, bij een kleine opwek duurt dat langer dan bij een volledig dak.
